Achtergronden & opinie

Raisa’s wintercolumn: ‘De aanval op sigaretten en frisdrank’

Raisa’s wintercolumn #4

Op sociale media kwam ik onlangs een opvallend bericht tegen: het supermarktconcern Albert Heijn heeft vanaf het begin van dit jaar alle sigaretten en andere rookwaren uit de schappen gehaald. Ik vond dit op zijn zachtst gezegd nogal merkwaardig en besloot wat onderzoek te doen. Ik ging het na te bij de vestiging bij mij om de hoek. En inderdaad, ook daar zijn inmiddels geen sigaretten meer te koop. Albert Heijn loopt hiermee op de troepen vooruit, maar wat blijkt: vanaf 1 juli van dit jaar mogen supermarkten zelfs helemaal geen sigaretten meer verkopen!

Laat ik vooropstellen dat ik geen roker ben – niet meer althans. Ik ben een aantal jaar geleden zo goed als gestopt en rook sindsdien alleen nog af en toe op een feestje. Niemand zal mij horen beweren dat roken gezond is. Sterker nog, de voornaamste reden dat ik zelf stopte was een aanhoudende hoest en keelontstekingen die elkaar in rap tempo opvolgden. Sinds ik stopte met roken, heb ik daar geen last meer van gehad.

Eigen afweging ongewenst

Hoewel ik mezelf dus niet zou bestempelen als ‘pro-roken’ is de oorlog die inmiddels tegen tabaksproducten wordt gevoerd mij evengoed een doorn in het oog. Oké, roken is misschien niet de meest gezonde gewoonte, maar het steeds verder uitbannen en verbieden van de sigaret uit de samenleving vind ik net zo goed onwenselijk. Bovendien begin ik het nogal vermoeiend te vinden dat alles dat enigszins leuk of gezellig is steeds meer aan banden wordt gelegd door de overheid. Ja, diezelfde overheid die zich steeds meer met alle aspecten van ons leven bemoeit. Mag ik alsjeblieft ook nog mijn eigen afwegingen maken?

Kennelijk niet. Ik kan me nog goed herinneren dat toen ik puber was er in alle uitgaansgelegenheden rookhokken waren gevestigd. Die stonden volledig blauw en de geur van je kleding of je haar de dag erna was onuitstaanbaar – zelfs al had je maar vijf minuten in een dergelijk hok doorgebracht. Ik kan me ook nog voor de geest halen dat ik voor de eerste keer een pakje sigaretten kocht. Spannend dat ik het vond! Ik was veertien en in principe nog helemaal niet oud genoeg (je moest toen zestien zijn). Echter was er geen dwangmatige leeftijdscontrole, dus met een beetje extra make-up kon ik wel voor ouder door. Ik herinner me ook nog het stiekem roken in het fietsenhok van de school – waarbij de docenten meestal een oogje toeknepen. 

Ontspannen

Als ik dit zo opschrijf, schiet me eigenlijk maar één woord te binnen. Het was ontspannen. Geen dwangmatig gedoe met idiote foto’s van een half afgestorven long. Geen torenhoge prijzen. Geen legitimatieplicht. 

Hoe anders is dat nu. De jeugd van tegenwoordig doet geheel andere ervaringen op. Zij maken deel uit van de eerste zogenaamd ‘rookvrije generatie’ – althans als het aan de overheid ligt. En dus is van die ontspannen houding van mijn tienerjaren weinig meer over. De vraag is hoe effectief dit allemaal is. Mijn generatie bestaat immers ook niet uit alleen maar kettingrokers. Ongetwijfeld zal de nadruk op de slechte aspecten van roken en de bijbehorende bangmakerij misschien wel enige gezondheidsvoordelen opleveren. Maar tegen welke prijs? Echt leuker wordt de maatschappij er in ieder geval niet op. 

‘Verbruiksbelasting’

Zeker omdat het roken niet het enige is op het lijstje dat de overheid als ‘slecht’ heeft aangemerkt. Nieuw dit jaar is ook frisdrank. Vanaf vorige week is er officieel een ‘verbruiksbelasting’ ingevoerd. Volgens de officiële aankondiging van de overheid mag dit geen ‘suikertaks’ worden genoemd, maar iedereen met een functionerend brein weet natuurlijk dat dit het wel gewoon is. 

Geloof mij maar, deze extra belasting is het begin van steeds meer heffingen op alle dingen die lekker of leuk zijn, maar waarvan de overheid heeft besloten dat u en ik die niet langer tot ons zouden mogen nemen. Nog even en een patatje bij de snackbar om de hoek wordt ook extra duur gemaakt (nog los van de plasticheffing). Stel je toch eens voor, ’s avonds een kroket of kipcorn!

Voorstanders van deze maatregelen en belastingheffingen zullen ongetwijfeld aandragen dat het goed is dat de overheid slecht gedrag ontmoedigt of zelfs verbiedt. Toch is het de vraag of we willen leven in een ongezellige, onbuigzame en dwangmatige maatschappij met een extreme focus op ‘gezondheid’. En ik zet gezondheid niet voor niets tussen aanhalingstekens want het gaat hier vooral om het type gezondheid dat door de overheid belangrijk wordt gevonden. 

Het idiote van deze ‘suikertaks’, de oplopende kosten van sigaretten en alcohol en het niet langer verkopen van sigaretten in de supermarkt is namelijk dat het daadwerkelijk bevorderen van onze gezondheid niet het gevolg is. Mensen blijven gewoon dikker worden en steeds minder bewegen. Daar gaat dat extra rondje met de auto naar een speciaalzaak voor sigaretten of die extra heffing op alcohol of frisdrank echt geen verschil in maken. 

Preventie

Als de overheid daadwerkelijk onze gezondheid zou willen verbeteren, zou iedereen een gratis abonnement krijgen op de sportschool en zou er meer aandacht zijn voor de preventie van ziekten. Dan zou het eigen risico worden afgeschaft of zou de ziektekostenverzekering zelfs gratis worden gemaakt zodat mensen de zorg niet zouden mijden uit angst voor een torenhoge rekening. Bovendien zou nadruk worden gelegd op de eigen verantwoordelijkheid die je hebt voor het leiden van een gezond leven. 

Maar hé, dat gebeurt allemaal niet! De reden is simpel: het is de overheid niet te doen om onze gezondheid, maar om het extra spekken van de staatskas, het uitoefenen van controle op ons leven. Alles moet daar blijkbaar voor wijken.

Ik krijg bijna zin om weer een sigaret op te steken. Bijna… 

Raisa Blommestijn is jurist en filosoof. Ze promoveerde op een proefschrift over de Weimarrepubliek en het verval van de democratische staatsvorm. Sinds augustus 2022 presenteert ze Ongehoord Nieuws. Deze winter schrijft ze elke week over wat haar bezighoudt en wat haar opvalt in de maatschappij.

Hoofdafbeelding: ANP / Koen van Weel